Oog in oog met de dood. Hugo van der Goes, oude meesters, nieuwe blikken

Het werk De dood van Maria van Hugo van der Goes staat letterlijk en figuurlijk centraal in deze tentoonstelling. Het schilderij, dat hij tussen 1470 en 1472 maakte, toont een lijkbleke en in een blauwe mantel gehulde heilige Maagd op haar sterfbed, waarrond zich in cirkelvormige opstelling een groep apostelen schaart. Het meesterwerk onderging tussen 2018 en 2022 een intensieve restauratie en wordt nu voor het eerst aan het brede publiek getoond.

In zes thema’s gaat de tentoonstelling dieper in op De dood van Maria. Elk thema wordt uitgewerkt aan de hand van verschillende topstukken, uit de eigen collectie en samengebracht vanuit heel Europa. Zo zullen er schilderijen van onder meer Hans Memling, Jan Provoost en Albrecht Bouts te zien zijn, maar de tentoonstelling brengt ook sculpturen, manuscripten en muziekstukken oog in oog met ‘de Dood’. In totaal zullen er meer dan zeventig kunstwerken te zien zijn.

Hoe kan het dat een werk vijf eeuwen later nog steeds universele thema’s oproept, waarover we met elkaar kunnen praten? Dat het schilderij actueler dan ooit is, bewijzen vijf ‘nieuwe meesters’, die elk een facet van de tentoonstelling inleiden. Het zijn stuk voor stuk virtuozen in hun domein, die op de een of andere manier geraakt worden door De dood van Maria. Via videoboodschappen geven ze hun vernieuwende kijk op de thema’s uit het werk.

  • Berlinde De Bruyckere (1964), Belgisch topkunstenaar met tal van binnen- en buitenlandse exposities in gerenommeerde musea op haar palmares.
  • Anne Teresa De Keersmaeker (1960), één van de meest gelauwerde choreografen en dansers van België. Oprichter van het wereldbefaamde gezelschap Rosas, en inspiratiebron en mentor voor dansgezelschappen van over de hele wereld.
  • Ilja Leonard Pfeijffer (1968), Nederlands dichter en auteur van bestsellers als Grand Hotel Europa en La Superba, waar hij de Libris Literatuurprijs voor ontving.
  • Sholeh Rezazadeh (1989), jonge Iraans-Nederlandse schrijver en dokter. Met haar debuutroman ‘De hemel is altijd paars’ viel ze op in de internationale literatuurwereld en won ze verschillende prijzen.
  • Ivo van Hove (1958), theater- en operaregisseur, tevens directeur van het Internationaal Theater Amsterdam. Hij werkte al samen met verschillende internationale topnamen, waaronder David Bowie voor de musical Lazarus.
     
















































































fiets

Knooppuntenlijst

Menen-Bergstraat Roeselare

afstand Menen – Bergstr Roeselare 18,5 km

Startadres
Ieperstraat 69, 8930 Menen
Klik het adres en zie het in GoogleMaps.

PuntKmTotaalTe gaan 
0.00.018.7Ieperstraat 69, 8930 Menen
1.21.217.5Dageraadstraat 16-22, 8930 Menen
2.13.215.4Bruggestraat 614, 8930 Menen
0.73.914.7Kortewaagstraat 101, 8930 Menen
1.65.513.1Ieperstraat 203, 8560 Wevelgem
2.68.110.5Papestraat 1, 8880 Ledegem
3.511.57.0Monseigneur Catrystraat 87, 8800 Roeselare
5.116.71.9Wagenstraat 22, 8800 Roeselare
1.918.50.0Moorseelsesteenweg 13, 8800 Roeselare

Route Kortrijk – Bergstraat Roeselare

Kortrijk-Bergstr Roeselare 24,6 km

Startadres
Diksmuidekaai 175, 8500 Kortrijk
Klik het adres en zie het in GoogleMaps.

PuntKmTotaalTe gaan 
0.00.024.8Diksmuidekaai 175, 8500 Kortrijk
0.30.324.5Overleiestraat 1, 8500 Kortrijk
2.52.822.0Vlasmolenstraat 2, 8501 Kortrijk
3.36.118.7Wouter Schoutstraat 21, 8501 Kortrijk
5.311.413.4Blekerijstraat 1, 8870 Izegem
1.312.712.1Hollebeekstraat 3, 8870 Izegem
2.214.99.9Ieperseweg 158, 8800 Roeselare
4.919.75.0Oekensestraat 9, 8800 Roeselare
3.122.91.9Moorseelsesteenweg 13, 8800 Roeselare
1.924.70.0Wagenstraat 22, 8800 Roeselare

Rinus Van de Velde

Rinus Van de Velde werd als kind geboeid door een beeldhouwer in zijn geboortedorp.
Hij verpoosde graag bij zijn wat aparte woning met grillige kunstwerken in de tuin.
 Het  vrij en ongebonden  creëren op eigen ritme boeide hem.
Wellicht trok het wat  eigenzinnige leven van  de kunstenaar zo zijn aandacht dat het de kiem legde voor zijn latere beroepskeuze.

Meer dan  van  het zicht op de Grand Canyon zelf kan hij genieten van een schilderij, een interpretatie ervan door  David Hockney. Het is het innerlijk ervaren  van de werkelijkheid die hem het meest beroert.
Zo maakt hij reizen naar de tropen en veel andere plaatsen, fictieve reizen wel te verstaan, reizen in zijn hoofd.  We vinden  de beleving ervan, de foto’s als het ware terug in zijn monumentale tekeningen.


Zijn werk is niet bedoeld om emoties weer te geven of op te wekken.
Het gaat meer om met vormen en kleuren  een  beeld te creëren,  een landschap, een winkel, een station.
 Het gaat ook over hoe de wereld  zou  worden als hij  die zou zien door de ogen van bekende verwanten van hem, van kunstenaars zoals  Monet bijvoorbeeld



Hij is ook beeldhouwer, maar tekenen met houtskool blijft, nu hij 15 jaar bezig is,  zijn belangrijkste kunstvorm. Het is ook de essentie, de eenvoud: potlood en papier.
Steeds op zoek naar een andere beleving van de realiteit van zijn omgeving maakt hij in zijn atelier minutieus grote decors,  filmscenes al het ware.  Zo transformeert hij bvb. zijn kunstatelier  in een kantoorgebouw.  Die decors  kunnen niet blijven staan natuurlijk , maar wel zijn er  2D en 3D opnames ervan  die op de tentoonstelling  te zien zijn.

Zijn  werken in Bozar krijgen als het ware een nieuw leven in de ruimtes van dit museum. Ze krijgen ook context en vertakkingen naast de werken  van  kunstenaars waar hij zich op een of andere manier verwant mee voelt of die hij bewondert.

Cyriel Buysse

Cyriel Buysse(1859-1932) groeit op in een gegoed milieu in Oost-Vlaanderen.

Toch wordt hij   de meest gelezen auteur van de wantoestanden op het Vlaamse platteland rond de eeuwwisseling.
Via zijn werken uitte hij kritiek  op  Kerk en Burgerij ( De plaatsvervangende vrederechter, Het recht van de sterkste)
Net als Emile Zola  botste hij met de fatsoensnormen van zijn tijd. Eens noemde men hem de ‘perversen dekadent’.
Aanvankelijk waren zijn werken vrij zwaarmoedig, maar na de eeuwwisseling werd de toon lichter en kwam er meer plaats voor humor en ironie
Pas in 1921 , vrij laat, ontving hij de Driejaarlijkse Staatsprijs voor het Proza.


Het gezin van Paemel (1903)


Het toneelstuk, dat later werd verfilmd, gaat over het eeuwige thema van verdrukking , onrecht en hoe hiermee te leven en te overleven.
Buysse hanteert ontspannende en humoristische elementen in zijn verhaal .

Tegen het decor van de economische crisis en het opkomende socialisme schetst hij de ondergang van het pachtersgezin Van Paemel.
Vader Van Paemel is overgeleverd aan een tweevoudige almacht: van de rijke baron-kasteelheer die hem willekeurig uitzuigt én de dorpspastoor die slechts gelatenheid en gehoorzaamheid predikt. Troost is slechts te vinden in de rijkelijk vloeiende jenever en – vooral dan voor dochter Céléstine – bij God.
De halsstarrige en onredelijke boer heeft geen begrip voor de nieuwe denkbeelden van zijn maatschappelijk geëngageerde twee zonen en raakt meer en meer geïsoleerd.
Zo vecht het gezin niet alleen een politieke strijd uit, maar ook een generatieconflict .
Boer Van Paemel beklijft vooral met zijn naar het einde toe  indrukwekkende monoloog .
Daarin overloopt hij zijn triest lot, maakt brandhout van zijn bestaan en neemt afscheid van zijn opstandige zoon Kamiel.

Een slot dat niemand onbewogen laat.