Neem de E403 of A17 richting Brugge . Neem afrit 8-Roeselare-Beveren. Volg verder de instructies op de kaart.
Categorie: seizoen 2021-2022
Rinus Van de Velde
Rinus Van de Velde werd als kind geboeid door een beeldhouwer in zijn geboortedorp.
Hij verpoosde graag bij zijn wat aparte woning met grillige kunstwerken in de tuin.
Het vrij en ongebonden creëren op eigen ritme boeide hem.
Wellicht trok het wat eigenzinnige leven van de kunstenaar zo zijn aandacht dat het de kiem legde voor zijn latere beroepskeuze.

Meer dan van het zicht op de Grand Canyon zelf kan hij genieten van een schilderij, een interpretatie ervan door David Hockney. Het is het innerlijk ervaren van de werkelijkheid die hem het meest beroert.
Zo maakt hij reizen naar de tropen en veel andere plaatsen, fictieve reizen wel te verstaan, reizen in zijn hoofd. We vinden de beleving ervan, de foto’s als het ware terug in zijn monumentale tekeningen.

Zijn werk is niet bedoeld om emoties weer te geven of op te wekken.
Het gaat meer om met vormen en kleuren een beeld te creëren, een landschap, een winkel, een station.
Het gaat ook over hoe de wereld zou worden als hij die zou zien door de ogen van bekende verwanten van hem, van kunstenaars zoals Monet bijvoorbeeld
Hij is ook beeldhouwer, maar tekenen met houtskool blijft, nu hij 15 jaar bezig is, zijn belangrijkste kunstvorm. Het is ook de essentie, de eenvoud: potlood en papier.
Steeds op zoek naar een andere beleving van de realiteit van zijn omgeving maakt hij in zijn atelier minutieus grote decors, filmscenes al het ware. Zo transformeert hij bvb. zijn kunstatelier in een kantoorgebouw. Die decors kunnen niet blijven staan natuurlijk , maar wel zijn er 2D en 3D opnames ervan die op de tentoonstelling te zien zijn.
Zijn werken in Bozar krijgen als het ware een nieuw leven in de ruimtes van dit museum. Ze krijgen ook context en vertakkingen naast de werken van kunstenaars waar hij zich op een of andere manier verwant mee voelt of die hij bewondert.

Menen-Halluin
Dit is het plan van onze wandeling

Cyriel Buysse

Cyriel Buysse(1859-1932) groeit op in een gegoed milieu in Oost-Vlaanderen.
Toch wordt hij de meest gelezen auteur van de wantoestanden op het Vlaamse platteland rond de eeuwwisseling.
Via zijn werken uitte hij kritiek op Kerk en Burgerij ( De plaatsvervangende vrederechter, Het recht van de sterkste)
Net als Emile Zola botste hij met de fatsoensnormen van zijn tijd. Eens noemde men hem de ‘perversen dekadent’.
Aanvankelijk waren zijn werken vrij zwaarmoedig, maar na de eeuwwisseling werd de toon lichter en kwam er meer plaats voor humor en ironie
Pas in 1921 , vrij laat, ontving hij de Driejaarlijkse Staatsprijs voor het Proza.
Het gezin van Paemel (1903)
Het toneelstuk, dat later werd verfilmd, gaat over het eeuwige thema van verdrukking , onrecht en hoe hiermee te leven en te overleven.
Buysse hanteert ontspannende en humoristische elementen in zijn verhaal .
Tegen het decor van de economische crisis en het opkomende socialisme schetst hij de ondergang van het pachtersgezin Van Paemel.
Vader Van Paemel is overgeleverd aan een tweevoudige almacht: van de rijke baron-kasteelheer die hem willekeurig uitzuigt én de dorpspastoor die slechts gelatenheid en gehoorzaamheid predikt. Troost is slechts te vinden in de rijkelijk vloeiende jenever en – vooral dan voor dochter Céléstine – bij God.
De halsstarrige en onredelijke boer heeft geen begrip voor de nieuwe denkbeelden van zijn maatschappelijk geëngageerde twee zonen en raakt meer en meer geïsoleerd.
Zo vecht het gezin niet alleen een politieke strijd uit, maar ook een generatieconflict .
Boer Van Paemel beklijft vooral met zijn naar het einde toe indrukwekkende monoloog .
Daarin overloopt hij zijn triest lot, maakt brandhout van zijn bestaan en neemt afscheid van zijn opstandige zoon Kamiel.
Een slot dat niemand onbewogen laat.
